FAQ

Frequently Asked Questions


Drones zijn een relatief nieuwe technologie. Veel mensen kennen niet alle mogelijkheden die ze bieden en het wettelijke kader waarin wordt gewerkt. Daarom deze FAQ over toepassingen, reglementering en werkmethodes 


Q.      Welke mogelijkheden biedt de drone?


Naast de voor de hand liggende toepassingen zoals luchtfotografie en -videografie kunnen drones ook worden ingezet voor meer technische toepassingen:

- Fotogrammetrie. Het maken van landkaarten op basis van een reeks luchtfoto’s. De foto’s worden met speciale software verwerkt tot een kaart waarop metingen kunnen worden gedaan die tot op de centimeter nauwkeurig zijn

- Volumemetingen. Een reconstructie van een model in 3D, bijvoorbeeld een groeve of een werfzone, aan de hand waarvan het volume van grondverzet of stocks kan worden gemeten

- Thermografie. Het gebruik van een infraroodcamera, bijvoorbeeld om zonnepanelen te inspecteren en defecte cellen op te sporen.
- Inspectie. Visuele inspectie verloopt met een drone sneller, goedkoper en met minder risico’s dan met hoogtewerkers

- Search & rescue


Q.      Wat is "klasse 1" en "klasse 2"?


Deze categorieën in de dronewet verwijzen naar het risiconiveau van een bepaalde vlucht.


Een vlucht in klasse 2 heeft o.a. de volgende kenmerken:

- een maximale hoogte 45 meter

- buiten bebouwde kom

- niet in gecontroleerd luchtruim (omgeving van luchthavens, helihavens)

- niet boven mensen of dieren

- op veilige afstand van mensen, dieren en goederen


Met een vlucht in klasse 1 is veel meer mogelijk:

- tot 90 meter hoogte

- binnen steden en gemeenten

- in gecontroleerd luchtruim

- boven mensen en dieren


Naargelang het risico wordt een onderscheid gemaakt tussen een vlucht in klasse 1A (bijvoorbeeld boven mensen) en klasse 1B. 


Laat je niets wijsmaken: sommige dronepiloten bieden diensten aan in klasse 2 (zoals foto's van vastgoed) maar respecteren daarbij niet de gepaste afstand van 50 m van obstakels (huizen zijn ook obstakels). Binnen de bebouwde kom is bovendien altijd een klasse 1 vereist om in orde te zijn met de wet! 


Q.      Kan er met elk weer gevlogen worden? 


De operationele limieten van de H520 zijn temperaturen tussen -10 en +40° Celsius. Voor de meeste opdrachten zijn windsnelheden tot +/- 40 km/u nog haalbaar. Lichte neerslag kan ook. Er is een zichtbaarheid vereist van anderhalf maal de afstand tussen de drone en de piloot. Tot slot moet er rekening gehouden worden met de magnetische storingen in de atmosfeer (Kp-index).

Het is dus mogelijk dat een afgesproken datum wegens slechte weersomstandigheden moet worden verschoven. 


Q.      Wat is een vlucht in "afwijking"? 


Voor sommige opdrachten moet er een afwijking worden aangevraagd bij het Directoraat-Generaal van de Luchtvaart (DGLV), bijvoorbeeld om te vliegen in luchtverkeersgeleidingsgebieden of luchtruim met een bijzonder statuut (zoals havengebieden).


Binnen klasse 1 kan zo'n afwijking worden gevraagd. Hou er rekening mee dat de wet hiervoor een bijkomende vergoeding van 204 euro oplegt. 


Gebieden met beperkingen van het luchtruim in België: